Weenplicht

Uiteindelijk gaat het om het gezag van de bijbel. Zowel in de besluiten van de synode van de GKv rond m/v en het ambt als die over de eenwording tussen GKv en NGK.

De overweging van de synode is daarin helder. Zoals de voorzitter van de synode, dr. Melle Oosterhuis, het vandaag in het ND verwoordt over het besluit dat vrouwen ook in het ambt mogen dienen:

‘We hebben heel lang geleefd bij de schijnzekerheid dat de Bijbel klip en klaar was over dit thema. De synode doet niets anders dan een stap terug zetten en erkennen dat het ingewikkelder ligt. Je mag elkaar niet binden aan iets waarover geen nadrukkelijke zekerheid bestaat. Je mag de ander niet binden aan jouw Bijbeluitleg’, (Nederlands Dagblad van 1 juli 2017).

De pijn voor velen zit het in die kleine woordjes ‘niets anders dan’. Wat de synode ziet als een stap terug doen, ervaren zij zo niet. Zij zijn opgegroeid en hebben altijd aangenomen dat het bijbels gezien duidelijk is dat vrouwen in de kerk moeten zwijgen. Op gezag van de voormannen hebben zij zich die mening eigen gemaakt en vaak ook met verve verdedigd. Ik kan me voorstellen dat ze zich nu ontheemd en dat sommigen zich zelfs verraden voelen.

Anton Korteweg schreef eens een gedicht over Shell-Moerdijk, waarin dat gevoel beschreven staat, waar tegenstanders van het m/v-besluit bang voor zijn. Dat de GKv-kerken waar zij lid van zijn, geen bijbelgetrouwe kerken meer zijn, dat de belijdenis daarin niet veilig is en dat die kerken in niets meer te onderscheiden zullen zijn van de Nederlands Hervormde Kerken en de Gereformeerde Kerken van 50 jaar geleden, kerken waar diezelfde voormannen destijds de vrijzinnigheid in aanwezen en die dienden als gestrande bakens in zee om het gezag van de bijbel in eigen (ware) kerk hoog te houden:

‘Wie zou niet wenen, wanneer hij vernam
dat heel dat kunstig nest, dat moeder vroeg
van psalmen deed weergalmen, waar de mus
een huis vond, zwaluwen hun jongskens neder-
vlijden, waar de moerbeitoppen ruisten, God
als Beets voorbijging – dat men thans
van bleek, deel, erf, de standplaats ziet noch kent?’

Het gevoel dat je je eigen kerk niet (meer) herkent als bijbelgetrouw, is denk ik één van de belangrijke bronnen van de felle emoties die nu bij de tegenstanders van het m/v- besluit zichtbaar wordt.

Die felheid herinnert mij aan het moment drie jaar geleden dat de GKv-synode in Ede groen licht gaf voor voortzetting van het contact met de NGK in de vorm van ‘samensprekingen gericht op eenheid’. Toen ik de zondag daarop in een kleine GKv-kerk voorging en voorafgaande aan de dienst in de kerkenraadskamer voorstelde om voor dat besluit te danken, kreeg ik van een van de ouderlingen een felle afwijzing: dat zeker niet! Een gesprek alleen al met de plaatselijke NGK zou een brug te ver zijn. Die breuk was er toch niet voor niets gekomen? Ook toen ging het ten diepste over het gezag van de bijbel en de belijdenis.

Afgelopen week kwam ik het mooie woordje ‘weenplicht’ tegen. Burcht Pranger gebruikt het in een artikel over Bernard van Clairvaux om daar het ‘officium flendi’ mee te omschrijven: de plicht van de monnik om te huilen gedurende de liturgie en het gedenken van de passie van Christus.

Ik ben blij met het m/v-besluit dat de synode van de GKv genomen heeft. Ook ben ik van mening, dat dit besluit bijbels verantwoord is. Tegelijk voel ik de plicht om te huilen. Mee te huilen in het verdriet en de pijn die broers en zussen ervaren, nu de GKv-kerken in een nieuwe werkelijkheid terecht gekomen zijn waarin vrouwen ouderlingen en predikant mogen worden, omdat bepaalde interpretaties van de bijbel niet meer zo evident blijken te zijn als ze eens als dè waarheid verkondigd zijn.

De synode heeft besloten om deputaten aan te stellen om de kerken te helpen het gesprek over het m/v-besluit te voeren. Een van de belangrijkste eerste taken van deze deputaten lijkt mij om als klaagvrouwen en -mannen te functioneren voor hen die zich in eigen kerk vanwege het m/v-besluit en het besluit over de eenwording van de GKv en NGK ontheemd voelen.

 

2 gedachten over “Weenplicht

  1. Dank je, Fokke! Ook ik groeide op, en wist zeker, dat vrouwen niet in het ambt mochten. Al heb ik me jaren afgevraagd waarom we, als vrouw wel catechisatie mochten geven. Ik vind het lastig te omslag te maken. Al ben ik enerzijds blij met dit besluit, en bedenk dan ook: te laat, voor mijzelf. Ik word verdrietig van alle grote woorden die ik her en der lees. Woorden zo groot, vaak gezegd uit onmacht, maar zo pijnlijk. Ook ik deed mee aan samensprekingen met de NGK (dat mocht dus ook, als vrouw) en wist ook zeker dat het VOP besluit tegen de bijbel inging. Ik vind deze dingen al ingewikkeld te volgen/ een plek te geven. Dan denk ik aan onze moeders, hoe is het voor hen?

  2. Ik kan me best voorstellen dat het een moeilijk te overbruggen kloof is, als je nooit anders hebt geweten en verdedigd dan…
    Ook het gevoel dat de vaste grond onder je voeten wordt weggeslagen wat natuurlijk de vraag oproept; en wat gaat er nu allemaal nog meer veranderen?
    Want het gaat niet alleen om één verandering, hoe klein of hoe groot ook, maar om wat dat voor het geheel betekent; er zijn blijkbaar veranderingen mogelijk.
    En dan de nog prangender vraag; hadden we het fout ? En als we dat fout hadden, wat nog meer?

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s